|
|

 
|
|
| |

Psalmen
113: 1-9
Psalmen

[113] 1 Halleluja!
Loof, dienaars van de HEER, loof de naam van de HEER. 2 De naam van de HEER zij geprezen van nu tot in eeuwigheid. 3 Van waar de zon opkomt tot waar zij ondergaat, zij geloofd de naam van de HEER.
4 Verheven boven alle volken is de HEER, verheven boven de hemel zijn luister. 5 Wie is gelijk aan de HEER, onze God, die hoog daar boven zijn woning heeft, 6 die zijn oog richt naar beneden, wie in de hemel en op de aarde?
7 Hij verheft uit het stof wie berooid is, uit het vuil tilt hij op wie alles ontbeert. 8 Hij laat hem wonen bij hooggeplaatsten, bij de hoogsten van zijn volk. 9 De onvruchtbare vrouw laat hij wonen in het huis, een vrolijke moeder van kinderen.
Halleluja!
|
|
|
 |


 |
|
Rinse Postuma (1953)
uit Ermelo
Directeur
|
|
Evangelie overal en in elke taal.
|
|
|
|